Sla het menu over en ga direct naar de content van deze pagina. Sla het menu over en ga direct naar zoeken.
Cordaid EN
Cordaid

Blog: Een laatste keer Congo

Na ruim 20 jaar is het zover. Remco van der Veen, de man die aan het hoofd staat van onze landenkantoren, gaat Cordaid verlaten. Hij was, en blijft, verknocht aan het Afrikaanse continent én aan gezondheidszorg. In zijn laatste blogpost komen die twee nog één keer samen.

Tijd om mijn koplampen weer af te stellen en scherper om me heen te kijken. Wat wil ik de laatste 17 jaar voor mijn pensioen nog doen? Afgezien van een enorme drang om golf te spelen bespeur ik vooralsnog geen midlifecrisis.

Maar Cordaid is nog niet helemaal van me af. Ik was afgelopen week in Kinshasa, megametropool en hoofdstad van de Democratische Republiek Congo. Het is waarschijnlijk mijn laatste dienstreis. Ons programma in ‘de DRC’ is in de loop der jaren uitgegroeid tot iets wat ik binnen de ontwikkelingssamenwerking graag meer had gezien: impact creëren op grote schaal, in een fragiel en conflictrijk land, samen met een niet goed functionerende overheid en hand in hand met Congolese maatschappelijke organisaties.

Samen impact creëren

Met geld van de Wereldbank en met eigen fondsen verbeteren we het Congolese onderwijssysteem. Dat doen we samen met 9000 leraren in 1350 scholen. 500.000 leerlingen hebben hier iets aan. Met het Global Fund en 30 Congolese organisaties helpen we ruim 125.000 aidspatiënten aan aidsremmers. Ook zorgen we dat jongeren alles te weten komen over veilige seks en vrijen met plezier. En dat ze zelf kunnen beslissen of en hoe ze gebruik maken van voorbehoedsmiddelen en voorlichting.

Homo’s hebben het hier al zwaar, maar transgenders krijgen helemaal de volle laag.

Niet alleen de omvang of schaal van dit programma maakt indruk. Ook het vernieuwende en vooruitstrevende. Ik vind het persoonlijk geweldig dat we werken met groepen die traditioneel lastig liggen in de meer conservatieve hoek van onze katholieke familie.

Lef en levenslust van transmensen in Kinshasa

In één van de inloopcentra die ik bezoek geven ze opvang en bescherming aan homo’s, prostituees, drugsverslaafden én transgenders. Terwijl ik in Kinshasa rondloop, wordt Nikkie Tutorial wereldwijd bedolven onder de complimenten voor haar gedwongen ‘coming out’ als transgender. Hier in Congo kun je als transgender niet over straat zonder dat er stenen naar je kop worden geslingerd. Homo’s hebben het hier al zwaar, maar transgenders krijgen helemaal de volle laag. Zelfs hun eigen familie verstoot en verjaagt hen. Toch zijn er, ook hier, mensen die ervoor uitkomen dat ze zijn zoals ze zijn. Wat een lef! En wat een levenslust.

Bwanya, inloop- en voorlichtingscentrum voor de LGBTQ+ gemeenschap in Kinshasa. © Cordaid

Hoeveel mensen wonen er in dit land? Geen mens die het precies weet. Honderd miljoen is de schatting. Zonder de ‘Afrikaanse wereldoorlog’ die hier al jaren woedt, hadden het er 106 miljoen moeten zijn. Zoveel mensen zijn er hier de afgelopen decennia vermoord door oorlogsgeweld.

De erfenis van Ebola

Een geluk bij al het ongeluk is dat de strijd tegen Ebola lijkt te zijn gestreden. Met succes. Met vele miljoenen, geïnvesteerd door tientallen, helaas niet altijd even goed samenwerkende internationale organisaties, is de strijd gewonnen. Maar de inspanningen wegen zwaar door op een gezondheidssysteem dat al gehavend was.

Het beroemde Congolese wetsartikel 15 blijft van kracht: ‘débrouillez-vous’, ofwel ‘red jezelf’.

De honderden deskundigen en experts die zijn ingevlogen om Ebola te verslaan, hebben het land weer verlaten. Congolees zorgpersoneel zag wat ze verdienen en willen nu zelf meer betaald worden dan het schamele bedrag dat ze maandelijks ontvangen. Als ze het al ontvangen. Wie neemt het hen kwalijk? Het wantrouwen onder mensen is toegenomen, gezondheidscentra blijven onbemensd en in het ministerie van Gezondheidszorg heerst paniek. Ook dat zit in de prijs die betaald wordt voor de overwinning op de epidemie. Aan Ebola ga je niet meer dood. Maar zwanger zijn is nog iets dodelijker geworden dan het al was.

Ambities van een bruggenbouwer

De weg van en naar het vliegveld is een drama. Het doet me denken aan mijn eerste bezoek aan de DRC, 12 jaar geleden. Niks veranderd. In heel de stad staat het verkeer zo vast als een huis. De nieuwe president, Félix Tshisekedi, wil zich opwerpen als bruggenbouwer. Van de weeromstuit heeft hij op negen belangrijke verkeersaders bruggen in de steigers gezet. Grote pilaren wijzen naar de hemel. De wegafzettingen zijn blijven staan maar de meeste wegwerkers zijn verdwenen. Net als het geld voor de rest van de bouw.

Ambitie is mooi, maar het ware wellicht beter geweest voor de gemoedsrust in de stad, om eerst een paar viaducten af te bouwen. Nu zijn er op negen grote kruispunten nog maar twee van de zes rijbanen, met alle waanzin, vertragingen en frustraties van dien. Een rit van drie kwartier is veranderd in een treurmars van drie uur. Gelukkig blijft het verkeer wel bewegen. Daar zorgen de verkeersrobots voor. Ze zijn woke hier, want naast de mannelijke traffic Robocop is er ook vrouwelijke versie, met rok. Die kreeg ik helaas niet op de foto.

Artikel 15: Red jezelf

En is meer om blij van te worden in dit waanzinnig complexe en mooie land. Er is meer ruimte voor journalisten en burgers om kritisch te zijn, ook naar de overheid. Meer ondernemerschap. Betere relaties met de buurlanden. Voor de rest blijft het bij het oude. In een soort stabiele chaos zoeken mensen hun weg. En vinden die vaak ook. Het beroemde Congolese wetsartikel 15 blijft van kracht: ‘débrouillez-vous’, ofwel ‘red jezelf’. Daar zijn ze in de DR Congo verdomde goed in. Gelukkig maar.

En wat mezelf betreft? Terug naar de gestroomlijnde wirwar van Nederland en kijken waar ik uitkom. Artikel 15 light, zullen we maar zeggen.