Sla het menu over en ga direct naar de content van deze pagina. Sla het menu over en ga direct naar zoeken.
Cordaid EN
Cordaid

Nieuwe CFO Cordaid: “Ik help graag mee de organisatie fit en veerkrachtig te maken”

Cordaid is verheugd Lorena Paz Quintero te verwelkomen als de nieuwe financieel directeur.

Geïnspireerd door haar opvoeding in Venezuela en met een schat aan ervaring in de financiële- en ontwikkelingssector, zal zij haar bijdrage leveren aan de missie van Cordaid om ongelijkheid en armoede in de moeilijkste gebieden ter wereld te bestrijden. In januari 2021 zal zij in functie treden.

Lorena Paz Quintero (44) gaat een belangrijke rol spelen in de activiteiten die Cordaid door onzekere tijden moeten te loodsen en zal vele veranderingen tot een goed einde moeten brengen. Zo zal het werk steeds minder plaatsvinden op het hoofdkantoor in Den Haag, maar veel meer door lokaal personeel in de landen zelf. Ook zal de organisatie zich tijdens de coronapandemie moeten blijven aanpassen aan nieuwe omstandigheden en zijn er meer fondsen nodig voor projecten.

Het zijn slechts enkele voorbeelden van gecompliceerde, veelomvattende taken die alleen werkelijk energieke en ondernemende geesten zouden aandurven. Laten we Lorena Paz Quintero eens wat beter te leren kennen.

Wat is je gedachte bij de grote veranderingen die de organisatie voor de boeg heeft?
“Cordaid staat inderdaad voor veel uitdagingen. Maar daardoor heb ik juist het gevoel dat ik iets kan bijdragen. Het betekent dat de vaardigheden en expertise die ik bezit, ook echt nodig zijn. Mijn profiel en ervaring sloten goed aan bij wat Cordaid zocht. Ik ben er klaar voor en heel enthousiast om deel te nemen aan deze geweldige organisatie.”

Momenteel bekleed je een belangrijke functie op de financiële afdeling bij Oxfam Novib. Waarom deze overstap?
“Ik heb het erg naar mijn zijn bij Oxfam Novib. Na de beslissing om van de private sector naar een non-profitorganisatie te gaan, was ik sterk gemotiveerd om iets waardevols toe te voegen aan mijn werk en ervaring. Ik wilde dat het allemaal meer betekenis zou krijgen. Ik heb mijzelf altijd graag willen ontwikkelen en Oxfam Novib gaf me die kans, waarvoor ik de organisatie ontzettend dankbaar ben. Maar ik had daar de hoogst mogelijke positie op het gebied van financiën bereikt. Toen deze mogelijkheid bij Cordaid zich voordeed, sprak dat mijn drive aan om verder te willen groeien.”

Wat zijn volgens jou de belangrijkste verschillen tussen de twee organisaties?
“Cordaid heeft ook veel projecten die zich richten op betere toegang tot gezondheidszorg en onderwijs. Ik heb affiniteit met die onderwerpen. Misschien ook omdat de gezondheidszorg in mijn geboorteland Venezuela er zo slecht aan toe is. Ik vind dat we de toegang tot kwalitatieve gezondheidszorg voor mensen in kwetsbare omstandigheden moeten verbeteren.

 

“Ik heb de rampzalige gevolgen van een sterke kloof tussen arm en rijk met eigen ogen gezien.”

 

Een ander verschil is: het werk van Cordaid is geworteld in katholieke waarden. De identiteit van Oxfam Novib is progressiever en meer seculier. Maar toch zie ik Cordaid, vooralsnog als buitenstaander, wel als een vrij vooruitstrevende organisatie, met behoud van respect voor bepaalde waarden, zoals solidariteit en het streven naar een waardig leven voor iedereen. Dit spreekt me erg aan, misschien ook vanwege mijn eigen katholieke achtergrond.”

Op welke andere manieren denk je dat jouw jeugd in Venezuela je heeft gevormd om te willen werken aan een rechtvaardigere wereld?
“Ik heb de rampzalige gevolgen van een sterke kloof tussen arm en rijk met eigen ogen gezien. Mijn familie behoort tot de middenklasse, maar ik heb kinderen zien opgroeien in erbarmelijke armoede en het was me al vroeg duidelijk dat zij veel minder kansen zouden krijgen in hun leven. Ik draag die realiteit voortdurend met me mee en het motiveert me om onrecht en ongelijkheid te willen bestrijden.”

De omstandigheden in Venezuela zijn al lange tijd erg slecht en zullen door de coronacrisis alleen maar moeilijker worden. Hoe voel je je daarbij?
“Het land is gehuld in droefheid. De gezondheidszorg is volledig ingestort, ze kunnen op geen enkele manier adequaat omgaan met het virus en er zijn kinderen die sterven aan andere ziektes. De economie is lamgelegd en de regering verdoezelt van alles. Sinds de pandemie merk ik ook dat er minder aandacht is voor de crisis in Venezuela. Dat vind ik moeilijk te verkroppen.

Venezolanen behoorden altijd tot de gelukkigste mensen ter wereld. Natuurlijk, er waren veel problemen, maar op de ranglijsten van geluk scoorden we vaak hoog. Mensen daar hebben een sterk overlevingsinstinct. Ze zullen hun problemen altijd het hoofd bieden. Maar wat me nu ernstige zorgen baart, is dat ik de hoop zie wegglippen. Ze worden moe. Mijn familie staat soms een hele week in de rij voor benzine. Ze wisselen elkaar af en zorgen ervoor dat ze altijd met meer zijn, want het risico om beroofd te worden is extreem hoog. Mensen zijn zo wanhopig. Zelfs suiker is een luxeproduct geworden.

Een tijdlang was er hoop op een sterke politieke oppositie om de zaken te veranderen. Maar die beweging lijkt haar momentum te hebben verloren. Dat heeft de hoop van het Venezolaanse volk een zware klap toegediend.”

Nu woon je in een land dat ook hoog in de ‘gelukslijstjes’ staat, maar waarschijnlijk om andere redenen. Hoe ben je in dit wonderland van structuur, zuinigheid en sombere herfsten terecht gekomen?
“Het korte antwoord is: ik heb mijn hart gevolgd. Ik ben getrouwd met een Nederlander. Waarom ik hier nog altijd ben? Nederland is mijn thuis geworden. Ik woon hier nu al meer dan 20 jaar, en hoewel mijn wortels altijd in Venezuela zullen liggen, kan ik zeggen dat die wortels zich hebben verspreid. Voor een deel voel ik mij nu ook Nederlands.”