Fragiele gebieden het hardst getroffen door geopolitieke onrust
Sinds de Amerikaanse aanval op Iran domineren beelden van raketinslagen en diplomatieke crises het wereldnieuws. Nederlanders merken de gevolgen vooralsnog vooral aan de benzinepomp. Maar ver buiten de schijnwerpers, in dorpen in Mali, op markten in Afghanistan, in ziekenhuizen in Zuid-Soedan, zijn de stijgende voedselprijzen, lege brandstoftanks en stroomtekorten een regelrechte ramp.

De Straat van Hormuz, de smalle zeestraat tussen Iran en Oman, is een slagader van de wereldeconomie. Experts waarschuwen dat als de blokkade aanhoudt, voedselprijzen in landen die zich nu al in bijzonder kwetsbare posities bevinden, met tientallen procenten kunnen stijgen. Het Wereldvoedselprogramma van de VN schat dat 45 miljoen meer mensen met acute honger te maken kunnen krijgen.
Cordaid werkt in de landen die het hardst worden geraakt. Hieronder lees je de ervaringen en bevindingen van onze collega’s ter plekke.
Afghanistan
Handelsroutes geblokkeerd, voedselprijzen verdubbeld
Afghanen zijn voor hun voedselvoorziening voor een belangrijk deel afhankelijk van de import uit Iran. Maar de Iraanse havens zijn door de oorlog grotendeels onbereikbaar geworden. Tegelijkertijd liggen ook de Pakistaanse zeehavens al langere tijd buiten bereik voor Afghaanse handelaren door een conflict tussen de twee landen. Het resultaat: ruim 66 procent van de Afghaanse import en 81 procent van de export liggen stil.
Op de markt merken gewone mensen dat direct. De prijs van tomaten en aardappelen schoot omhoog. Handelaren hamsteren goederen of verhogen preventief hun prijzen, ook voor producten die niet uit Iran komen. En dat terwijl 97 procent van de bevolking al in ernstige armoede leefde.
Ook de noodhulp aan Afghanistan is de laatste jaren met 89 procent afgenomen. Als een van de weinige Nederlandse ngo’s is Cordaid nog altijd actief in Afghanistan en weet via lokale partners met beperkte middelen nog altijd een verschil te maken voor duizenden mensen in moeilijke omstandigheden.

Mali
Diesel schaars, lichten uit, ziekenhuizen kwetsbaar
In Mali is stroom een luxe die steeds zeldzamer wordt. Een groot deel van de elektriciteit wordt opgewekt door dieselgeneratoren en diesel is door de oorlog in het Midden-Oosten voor het eerst duurder geworden dan benzine.
Eerder konden veel Malinezen op zo’n 12 uur stroom per dag rekenen; nu is dat nog maar 6 uur. En dat terwijl het land ook geteisterd wordt door gewapende groepen en terrorisme: sinds oktober 2025 zijn meerdere brandstofopslagtanks vernietigd.
Wie het kan betalen, koopt zonnepanelen. De meerderheid kan dat niet. In ziekenhuizen betekent stroomuitval levensgevaar: operaties kunnen niet worden uitgevoerd, medicijnen bederven, apparatuur valt uit. Eenvoudige koelkasten in kleine winkels doen het niet meer. Voedsel rot weg. Kleine ondernemers sluiten hun deuren.

Ethiöpië
Wachtrijen bij de pomp, werknemers komen niet meer op kantoor
In hoofdstad Addis Abeba en ver daarbuiten staan mensen uren in de rij bij benzinestations. Soms de hele nacht. En dan is er nog geen garantie dat er brandstof is als ze aan de beurt zijn. De prijs van benzine is op sommige plekken tien tot twintig keer het officiële tarief. Dat werkt door in alles: transport, eten, basisdiensten.
Werknemers komen niet meer op hun werk. Gezinnen kunnen ziekenhuizen of scholen niet bereiken. Cordaid-medewerkers in het land hebben veldbezoeken moeten annuleren en sommige collega’s werken vanuit huis omdat ze simpelweg geen vervoer kunnen regelen.

Bangladesh
Vijf rampen tegelijk…en de grootste moet nog komen
Bangladesh wordt niet door één crisis getroffen, maar door vijf tegelijk: de prijs van kookgas schoot omhoog, de dieselvoorraden daalden razendsnel, fabrieken sloten hun deuren midden in een cruciaal productieseizoen, textielfabrieken draaien maar op de helft van hun gebruikelijke capaciteit en meer dan zeven miljoen gastarbeiders in het Midden-Oosten dreigen hun baan te verliezen, met directe gevolgen voor de miljoenen gezinnen die ze onderhouden.
Arme huishoudens koken minder om gas te sparen. Anderen keren terug naar hout en mest als brandstof: een grote stap terug als het gaat om ontwikkeling. In de havenstad Chittagong is minder dan 5 procent van de normale vrachtschepen operationeel, wat ook de aanvoer van humanitaire goederen vertraagt.
De echte klap moet echter nog komen: het Wereldvoedselprogramma verwacht dat de prijsgolf van voedsel pas over enkele maanden de piek bereikt.

Oeganda
Geweld tegen vrouwen neemt toe
Het geheel door land omgeven Oeganda is volledig afhankelijk van de aanvoer via buurlanden als Kenia en Tanzania. De gestegen brandstofprijzen werken direct door in de prijs van het eten op lokale markten. In de grensregio Arua, nabij de grens met Zuid-Soedan en de Democratische Republiek Congo, zijn tankstations helemaal leeg. Cordaid-medewerkers hadden vorige week moeite om brandstof te vinden voor de terugrit naar hoofdstad Kampala.
Maar de crisis heeft ook een minder zichtbare kant. Door de stijgende kosten lukt het mannen vaak niet om hun gezin financieel te onderhouden, wat voor veel spanningen zorgt in huishoudens die onder grote druk komen te staan. Het gevolg: een zorgwekkende toename van huiselijk geweld.
Creatieve ondernemers in Oeganda proberen de crisis ook als een kans te zien. Zo worden er al dranken geproduceerd onder de naam ‘De Straat van Hormuz’. Het lijkt een wrange manier om grip te krijgen op een wereld waarin steeds meer mensen de controle lijken te verliezen.

Zuid-Soedan
Een tikkende tijdbom
Zuid-Soedan verkeert al jaren in een diepe crisis. De nieuwe geopolitieke onrust maakt die situatie nog nijpender. Brandstofprijzen stijgen, transportkosten schieten omhoog en de voedselsituatie verslechtert verder. Het land is sterk afhankelijk van import. Als scheepsroutes geblokkeerd blijven, loopt de voedselzekerheid verder gevaar. Begin april werden alleen al in twee provincies meer dan 152.000 mensen geregistreerd die dringend voedselhulp nodig hebben.
Tegelijkertijd vinden er in december 2026 verkiezingen plaats, iets wat doorgaans zorgt voor oplaaiende onrust in Zuid-Soedan. De internationale gemeenschap kijkt vooralsnog de andere kant op, afgeleid door brandhaarden elders in de wereld.

Oekraïne
Concurrentie om luchtverdediging, inflatie klimt naar 8 procent
Voor Oekraïne heeft de oorlog in het Midden-Oosten een extra dimensie: het vergroot de concurrentie om schaarse luchtverdedigingssystemen zoals de Patriot. Hoe meer van die systemen worden ingezet in de regio, hoe minder bescherming er is voor Oekraïense steden.
Tegelijkertijd zorgden de stijgende energieprijzen in maart voor een inflatiepiek van 7,9 procent op jaarbasis, met brandstofprijzen die met 14 procent stegen in één maand.
Meer dan 10,8 miljoen mensen in Oekraïne hebben hulp nodig. In de door Rusland bezette gebieden is er een ernstig tekort aan drinkwater, geen stabiele stroom- of gaslevering en nauwelijks toegang tot medische zorg. Mensen rantsoeneren elk slokje water.
Hulporganisaties, waaronder Cordaids partner Caritas Oekraïne, zijn in staat om miljoenen mensen te helpen, maar de activiteiten staan onder zware druk nu het aantal evacuaties stijgt en de middelen juist slinken.

Geopolitiek is niet abstract
Een conflict in het Midden-Oosten vertaalt zich in een lege koelkast in Bamako, in een eindeloze wachtrij bij een benzinepomp in Addis Abeba, in een boer in Bangladesh die zijn oogst verliest, in een vrouw in Oeganda die te maken krijgt met geweld, in een kind in Zuid-Soedan dat opgroeit zonder voldoende eten. De wereld is verbonden, en die verbondenheid is niet altijd rechtvaardig. De landen die het minst hebben bijgedragen aan de mondiale onrust, betalen vaak de hoogste prijs.
Cordaid is aanwezig in al deze landen. We werken zij aan zij met lokale gemeenschappen, partners en overheden. Maar om dat werk vol te houden, zeker nu de druk toeneemt en de internationale aandacht verslapt, hebben we uw steun nodig.
Oorlog raakt ons allemaal
De oorlog in het Midden-Oosten raakt mensen over de hele wereld. In Libanon zijn meer dan een miljoen mensen op de vlucht. In landen als Bangladesh en Ethiopië verliezen mensen door hoge prijzen hun inkomen en dreigen ernstige voedseltekorten. Ook in Nederland voelen we de gevolgen.
Kijk om naar mensen in nood: dichtbij en ver weg. Help mee en doneer!