Sla het menu over en ga direct naar de content van deze pagina. Sla het menu over en ga direct naar zoeken.
Cordaid EN
Noodhulp

Noodkeuken in Aleppo: “We gaan door, hoe slecht de situatie ook is”

Zeker, de beste makhlouta in de wereld moet geserveerd worden in Aleppo! Vandaag staat deze Syrische linzensoep op het menu van de Jesuit Refugee Service (JRS). Hun dagelijkse maaltijden, bereid en opgediend met de steun van Cordaid, helpen duizenden mensen de oorlog te overleven. Keukenmanager Muhannad Majano vertelt wat er nodig is om al deze borden te vullen.

Het is een doorsnee dag voor de 37-jarige Muhannad en de andere 75 Syrische JRS-vrijwilligers die de noodkeuken in Aleppo runnen. “Ik sta om 7 uur op en zeg gedag tegen mijn dochter en mijn vrouw, wetende dat het misschien de laatste keer is dat ik ze zie.”

Mortieren

Naar zijn werk gaan is al een hele opgave op zich. En zeker niet zonder risico’s. Muhannad: “Normaal gesproken zou het een rit van 10 minuten moeten zijn, maar met alle controles onderweg duurt het nu ongeveer een uur. In het verleden was het nog gevaarlijker. De weg is een aantal keren gebombardeerd. De keuken zelf werd ook geraakt door mortieren. Man, dat was eng! We moesten rennen voor ons leven.”

Aleppo
Muhannad Majano (© JRS)

Als hij eenmaal is aangekomen, zet Muhannad alles op alles om ervoor te zorgen dat de keuken iedere dag tot wel 10.000 warme maaltijden produceert voor mensen die door de oorlog niet meer voor zichzelf kunnen zorgen. “We hebben verschillende teams”, zegt hij. “Eén team voert de gegevens in van mensen die zich aanmelden en zorgt ervoor dat we de meest behoeftigen bereiken. Een ander team bereidt het eten op 14 enorme fornuizen. Dan is er het team dat het voedsel distribueert naar onze lokale centra en het managementteam. ”

“We serveren wel 10.000 warme maaltijden per dag.”

Muhannad Majano, Keukenmanager JRS

Als keukenmanager is Muhannad bij de hele keten betrokken, van het vinden van de ingrediënten tot het zorgen dat kinderen, ouderen, alleenstaande moeders en vele anderen hun dagelijkse bord met gezond voedsel krijgen. En niet alleen in Aleppo. “Op dit moment is de situatie in en rond Afrin, 50 kilometer van Aleppo, erg slecht. We zijn zo dichtbij mogelijk naar Afrin gereisd om daar te werken voor de ontheemde bevolking.”

Noodhulpexpert Marten Treffers was in maart 2018 in Aleppo om de wederopbouw werkzaamheden van Cordaid voor te bereiden. Van zijn bezoek aan de gaarkeuken heeft hij een vlog gemaakt:

Voor de oorlog had Muhannad zijn eigen winkel. “Ik had een goed leven”, herinnert hij zich. “Met mijn winkel voor etenswaren kon mijn gezin onderhouden. Maar in juli 2012 werd mijn winkel gebombardeerd.”

Waardigheid

Kort nadat dit gebeurde, voegde Muhannad, die het geluk had vóór de oorlog al klaar te zijn met zijn militaire dienst, zich bij het JRS-team als vrijwilliger. “Ik wilde vechten met waardigheid, door er te zijn voor de mensen en ze te helpen door ze te voeden.”

Muhannad vermoedt dat meer dan 70% van de mensen in Aleppo nu onder de armoedegrens leeft.

Bijna een jaar lang werkte hij zonder er iets voor terug te krijgen, net als de andere vrijwilligers. Toen het duidelijk werd dat de oorlog zou voortduren, kregen de vrijwilligers een inkomen om het hoofd boven water te kunnen houden. Met zijn ervaring als winkelier en een diploma in bedrijfskunde, werkte Muhannad zichzelf in rap tempo op tot keukenmanager.

Gebrek aan water en brandstof

Om 10 uur ’s ochtends zijn de eerste maaltijden klaar om te worden gedistribueerd. “De uitdaging is vervolgens om alle checkpoints door te gaan op weg naar de distributiecentra en geïmproviseerde crisislocaties. En om voldoende brandstof te vinden.”

Zowel brandstof als water zijn bijzonder schaars en daarmee zeer kostbaar geworden in Aleppo. “De kranen staan af ​​en toe droog en de benzine is vaak op”, vertelt Muhannad. “De oorlog dwingt ons om heel vindingrijk te zijn.”

Aleppo
Muhannad (links) met de koks in de gaarkeuken. Foto: JRS

Hoe langer de oorlog duurt, hoe meer de armoede in Aleppo groeit. Muhannad vermoedt dat meer dan 70% van de mensen in zijn stad nu onder de armoedegrens leeft. “De kostwinners worden gedood, raken gewond, vermist of worden opgesloten”, zegt hij. “Ondertussen zijn de prijzen voor dagelijkse benodigdheden enorm gestegen. De rijke mensen verlaten de stad en de armsten blijven achter. Vooral in de landelijke gebieden en het oostelijke deel van de stad is de armoede extreem. We kunnen het ons niet veroorloven om ook maar één dag te stoppen met ons werk.”

Meer dan alleen eten opdienen

De keuken van JRS gaat over meer dan alleen eten. Het is een veilige baken voor de vele vrijwilligers die er werken. “Voor mijzelf”, zegt Muhannad. “Maar vooral voor de jonge jongens en meisjes en de ouderen van onze teams, die geen diploma hebben, geen banen, geen vooruitzichten. Sommigen zijn analfabeet. We trainen ze, we betalen ze, we helpen ze. En we houden van elkaar. Wij zijn een familie. Velen van ons zouden verpletterd zijn door de oorlog en het gebrek aan kansen, als de JRS-keuken er niet was geweest.”

Muhannad kwam vijf en een half jaar geleden bij JRS, toen de noodkeuken in Aleppo net van start was gegaan. “We begonnen met het serveren van een paar honderd maaltijden per dag”, herinnert hij zich. “Vervolgens, overweldigd door de vraag en het lijden van de bevolking, zijn we erin geslaagd onze capaciteit te vergroten en nu serveren we tot wel 10.000 maaltijden per dag. De maaltijden met vlees zijn voor velen favoriet. Maar vandaag serveren we een ander, heel voedzaam gerecht: makhlouta. Dat is linzensoep met groenten en uien.”

Vreemdelingen in eigen stad

Nadat alle maaltijden zijn geserveerd, rijdt Muhannad terug naar huis, door zijn verminkte stad. “Natuurlijk, ik mis de veiligheid van voor de oorlog. Maar het meeste mis ik de gebouwen waar ik zoveel van hield. We zijn ons cultureel erfgoed verloren. We zijn vreemdelingen geworden in de stad waarin we zijn geboren.”

“Ook al heeft de oorlog alles van ons afgenomen, we blijven bij de mensen die ons nodig hebben.”

Muhannad Majano, Keukenmanager JRS Kitchen, Aleppo

Als hij eenmaal thuis is, omarmt Muhannad zijn vrouw en zijn dochter, dankbaar voor iedere dag die hij met zijn geliefden kan doorbrengen. “Op een avond reed ik naar huis, na het sluiten van de keuken. Vlakbij mijn huis hoorde ik het geluid van bommen. Ik zag dat onze flat was geraakt. Ons appartement bevindt zich op de bovenste verdieping. Alle ramen en deuren waren weggeblazen. Mijn vrouw en dochter waren veilig. Doodsbang maar levend.”

Op de vraag welke steun hij nodig heeft van mensen buiten Syrië, heeft Muhannad een pasklaar antwoord: “We zijn dankbaar voor de hulp van Cordaid en de Nederlandse donateurs. Maar steun hoeft niet altijd financieel te zijn. Elk teken van solidariteit dat ons bereikt, van mensen die laten zien dat ze om ons geven, geeft ons de energie om de ellende te doorstaan. We zullen doorzetten, hoe slecht de situatie ook is. Ook al heeft de oorlog alles van ons afgenomen, we blijven bij de mensen die ons nodig hebben.”

Cordaid ondersteunt de JRS-keuken sinds 2013.

Lees meer over het werk van Cordaid in Syrië.