Sla het menu over en ga direct naar de content van deze pagina. Sla het menu over en ga direct naar zoeken.
Cordaid EN
Noodhulp

Wederopbouw in Syrië: dilemma’s van een hulpverlener

Noodhulpverlener Marten Treffers is net terug uit Aleppo. Hij wilde met eigen ogen de 150 woningen zien die met Cordaid-steun door Syrische bouwvakkers zijn opgeknapt. “Vakmanschap”, zo constateerde hij. Hij vertelt over de mensen die er wonen. En legt uit hoe je ook in de noodhulpfase al kan werken aan meer verzoening en vrede en kunt beginnen aan de wederopbouw van Syrië.

Eind vorig jaar renoveerden Syrische vaklieden in een paar maanden tijd 150 appartementen, verspreid over de stad Aleppo. De door oorlogsgeweld beschadigde huizen kregen nieuwe ramen en deuren, wc’s, nieuwe elektra of andere renovaties. “Voor elke geselecteerde woning  was een bedrag van 1500 dollar beschikbaar”, legt Marten uit. “Bewoners zelf bepaalden wat de hoogste nood had. Lokale aannemers waar wij mee werken, gingen vervolgens aan de slag.”

Ook in de stad Homs zijn appartementen met steun van Cordaid gerenoveerd. Helaas kreeg Marten niet de toestemming om die projectlocatie te bezoeken.

Werken met lokale menskracht en lokale materialen

Treffers, architect van opleiding, was tevreden over wat hij aantrof in Aleppo. “Het werk is gedaan door professionals en dat zie je. Op zich verbaast me dat ook niet. Tot de oorlog was Syrië een zeer ontwikkeld land. De kennis en kunde, ook in de bouw, is niet verdwenen. Wat me wel verbaast is de kwaliteit van de deuren, ramen en het sanitair… We stonden erop dat aannemers alleen werkten met lokale materialen, mits die goed genoeg waren. En dat zijn ze. Ondanks de oorlog slagen mensen er toch in kwaliteitsproducten te maken en te verhandelen.”

De oorlog is nog lang niet voorbij

In Aleppo zelf is het relatief rustig. Maar nauwelijks 50 kilometer verderop, in de provincie Idlib, wordt nog hevig gevochten. Marten: “Mensen in Aleppo zijn opgelucht dat er geen bommen meer vallen. Maar ze houden hun adem in en zijn bang dat het geweld weer oplaait. Er is angst voor straatgeweld. En mensen hebben geen werk. Ook al komt de stadseconomie weer langzaam op gang, voor jongeren is er nauwelijks perspectief. Ook al lijkt de oorlog militair gezien in een laatste fase te zijn beland, voor al deze mensen is de oorlog nog lang niet voorbij.”

“Bouwen aan vertrouwen is minstens even belangrijk als bouwen aan huizen.”

Marten Treffers, noodhulpcoördinator

Vrij spel voor wind en regen

Majd Olji, haar man en zes kinderen trokken 2 jaar geleden weer naar hun woning in Aleppo, na een tijd lang voor het geweld te zijn gevlucht. Wind en regen hadden vrij spel in hun woning. Explosies hadden deuren en ramen uit hun sponningen geblazen en geld voor renovatie hadden ze niet. Het gevaarlijkste was het balkon. “Met een lening van 150 dollar hebben ze het balkon verstevigd. Die lening betalen ze nog steeds af”, zegt Marten. “Deze familie heeft met Cordaid-steun nieuwe ramen en deuren laten plaatsen.”

Dochter blijft thuis, zoon gaat naar school

Een andere gerenoveerde woning is die van Najed Hedj en haar gezin. “Najed is dol op eten en vooral eten maken voor anderen”, zegt Marten. “Ze zijn erg blij met hun gerenoveerde woning en lieten die vol trots aan mij zien. Natuurlijk dragen ook zij de last van de oorlog. Hun wijk is zwaar getroffen. De leegstand is nog groot en dat maakt de wijk erg onveilig. Te onveilig voor hun dochter van 16 om naar school te gaan. De zoon van 17 mag dan weer wel naar school. Ook hieraan zie je dat oorlog vrouwen en meisjes vaak harder treft.”

Najed Hedj en haar dochter (© Marten Treffers / Cordaid)

 

Ook diefstal is een groot probleem. “In onveilige wijken moeten mensen alles wat waarde heeft zelf bewaken”, zegt Marten. “Ook de deuren en ramen die ze van ons hebben gekregen. Er moet eigenlijk altijd iemand thuis zijn. Maar juist door het voor meer mensen mogelijk te maken om terug te keren en een beetje fatsoenlijk te leven, bespoedig je de terugkeer van mensen. En zo vergroot je ook de veiligheid in een wijk.”

Aleppo zit nog steeds zonder elektriciteit. Dat maakte de renovatiewerkzaamheden – net als het hele leven in de stad – knap lastig. “Wie geld heeft koopt elektriciteit van particulieren die een generator hebben. Maar veel bewoners moeten het zonder doen”, aldus Marten.

Wie krijgt hulp? Het belang van zorgvuldige selectie

Shelter projecten als die in Aleppo zijn relatief duur. “De kosten per begunstigde persoon zijn groot. Dat betekent dat je een stuk minder mensen kunt selecteren dan bijvoorbeeld in voedselhulpprojecten”, legt Marten uit. “Die selectie van mensen is daarom misschien wel het belangrijkste onderdeel van een project. Je wil zeker zijn dat de hulp gaat naar wie dat het hardste nodig heeft. Als je weet dat er in Syrië meer dan een miljoen huizen vernield zijn en dat er tot nu misschien 10.000 tot 20.000 zijn herbouwd, dan begrijp je dat die selectie erg moeilijk is. En pijnlijk. Maar je moet ook opletten dat je niet extra onrust creëert in een wijk waar spanningen – in oorlogstijd – sowieso al om te snijden zijn.”

Shah Razad en zijn gezin zijn net verhuisd naar deze woning. Voorlopig zitten ze zonder water, want de leidingen zijn nog niet hersteld. (© Marten Treffers / Cordaid)

 

Dus hou je als hulpverlener op de locaties waar je werkt bijzonder goed rekening met sektarische spanningen, met de samenstelling van de bevolking, met de recente geschiedenis van een plek. “Het laatste wat je wil is dat het herstellen van huizen zou leiden tot extra spanningen of geweld. Wat dat betreft lijkt het project in Aleppo vlekkeloos te zijn verlopen”, aldus Marten.

Noodhulp die bijdraagt aan verzoening

Maar je kunt het ook omdraaien en zorgen dat je zogeheten ‘beneficiary selection’ juist bijdraagt aan verzoening en de afname van spanningen. Marten legt uit: “Bouwen aan vertrouwen is minstens even belangrijk als bouwen aan huizen. Vertrouwen tussen bevolking en overheid, tussen religieuze groepen, tussen jong en oud, arm en rijk. Dat vertrouwen is zoek. Daar kun je ook als verlener van noodhulp iets aan doen. Je moet zoveel mogelijk segmenten van de samenleving te betrekken in je project. Een evenredige samenstelling van je projectcomités is ook belangrijk. De aannemers en bouwvakkers waar je mee werkt moeten niet allemaal uit één hoek komen of één kant vertegenwoordigen. Die zaken zijn voor ons minstens even belangrijk als het bouwen of verbouwen zelf.”


Help mee aan de wederopbouw in Syrië

Doneer nu